e-Learning Territories

Artikels

HELIOS: e-learning gebieden opnieuw definiëren

25 Mei 2007
De ontwikkeling van de industriële maatschappij is lange tijd voorgesteld in termen van een groeiende functionele differentiatie tussen de verschillende sociale klassen. Volgens dit paradigma geldt dat hoe meer een sociaal verschijnsel zich ontwikkelt, hoe meer het zich beweegt van een ongedifferentieerde aard naar een onderscheiding in verschillende sociale klassen of systemen en hierbinnen verschillende functies vervult.

Het kan derhalve best waar zijn dat de ontwikkeling van e-learning in de laatste jaren overeenkomt met deze functionele differentiatie.

Het kan echter niet mogelijk om de onderverdelingen gekoppeld aan de ontwikkeling van e-learning terug te brengen tot een eenvoudige functionele differentiatie in sociale subsystemen. Er zijn vele andere onderverdelingen verschenen (bijv. per sector, doelstelling en doelgroep) die bijgedragen hebben aan een groeiende differentiatie van e-learning. Daarnaast maakt de technologie een toenemend aantal gebruiksscenario's mogelijk: e-learning is vaak in verband gebracht met klassikaal leren in gemengde vormen en er zijn duidelijke landspecifieke e-learning ontwikkelingen herkenbaar.

In plaats van zich te richten op eenzijdige ontwikkelingswetten, een beschrijvende en inductieve benadering te kiezen en te proberen samenhangende e-learning gebieden te isoleren en te definiëren, is het waarschijnlijk beter een verschijnsel als e-learning in zijn veelzijdigheid te belichten.

Daarom worden in dit artikel de ‘e-learning gebieden' voorgesteld die door het HELIOS consortium beschreven zijn. Deze e-learning gebieden zijn nuttig om verschillende redenen:

  • Ze ondervangen standpunten op een zuiver functionele differentiatie van e-learning en zijn ontwikkeling;
  • Ze dragen ertoe bij de discussie buiten het verdwijnen versus de totale inzet van e-learning te plaatsen aangezien e-learning zich in verschillende ontwikkelingsfasen in verschillende gebieden bevindt;
  • Ze bieden een discussieplatform voor beoefenaars en beleidsmakers en dienen het onderzoeksprogramma van onderzoekers te voeden;
  • Ze ondersteunen de samenwerking in netwerken, coördinatie en integratie tussen sectoriële, gespecialiseerde en nationale observatiepunten en -projecten;
  • Ze bevorderen "benchlearning" aangezien er een verschuiving plaatsvindt van vergelijkende naar reflectieve en adaptieve analyses;
  • Ze dragen derhalve bij tot de identificatie en verzameling van belangrijke indicatoren voor de ontwikkeling van e-learning en het effect binnen elk gebied;
  • Ze kunnen tot slot gebruikt worden om als routekaart te dienen voor e-learning ontwikkelingen uitgaande van een territoriale i.p.v. algemene positie.